Kijk, ik kreeg het megadruk van al dat werk. Maar daarbij hield ik natuurlijk evenveel van mijn kinderen. Wel kwam er een, voor de kinderen, hinderlijk stopzinnetje bij: “opschieten!”. Ik had eigenlijk een soort standaardantwoord op maakt niet uit welke vraag of leuk verhaal van de kinderen. Opschieten… Afhankelijk van de dag, hoe laat het die dag was en hoeveel ik die dag had gewerkt, kon het aardig gezegd worden, dringend of nog erger, kortaf. Ik probeerde er wel altijd vriendelijk bij te kijken, maar kinderen hebben feilloos door dat ze gefopt worden.

Op welke manier ik het ook zei, innerlijk was het gevoel steeds hetzelfde: “Kom op nou!!”. Ik had namelijk overal haast. Zonder erbij na te denken, zei ik alleen nog maar dat ene stopzinnetje. Het was tegen mijn eigen verwachtingen in en tegen alles wat ik ooit voor mijn kinderen had gewild.

Eigenlijk kwam het omdat ik met mijn hoofd bij mijn werk zat. Dit was mijn lijf, hier bij de kinderen, maar mijn hoofd zat als het ware aan de overkant van de oceaan. Mijn mond leidde weer een geheel eigen leven; die zei alleen nog maar dat vreselijke stopzinnetje. Bijzonder, ik hoefde er niet eens bij na te denken. Het zinnetje kwam er altijd uit.

Eigenlijk was ik nog blij met mezelf. Ik had namelijk een vreselijk beeld gelezen: je thuis gebruiken als vuilstortplaats van je stress. Mensen die ’s avonds thuis komen en even al hun stress van zich af schreeuwen, rampenstampen of wat dan ook. Even thuis je stress dumpen. Dat deed ik niet. Ik weet uit mijn eigen jeugd namelijk hoe dat voelt. Het is ook niet het beste om te doen als working parent(s) bij de veeleisende kunst van presteren.

Ik zag mezelf in de ogen van mijn kinderen. Ik wist dat zij het voelden. Dat wat ik vriendelijk probeerde te zeggen, niet klopte met mijn innerlijk gevoel. Ik merkte ook dat ze me met rust lieten, want zo zijn kinderen. Ze hebben antennes voor hoe het met jou gaat. Sommige kinderen zijn daar heel lief in, anderen juist veeleisend. Mijn kinderen vroegen me niet meer of ik dat potje monopoly mee wilde doen, ze vertelden niet meer zoveel, ze vroegen hun vragen niet meer, ze vonden het best om het verhaaltje ’s avonds over te slaan voor het slapengaan. Je denkt dat ze zonder kunnen, maar ze helpen jou gewoon een beetje.

Gelukkig realiseerde ik me tijdig dat de stem van de ouders voor altijd in het hoofd van een kind blijft. Dit was niet om te lachen. Kinderen die bij alles wat ze nu en later doen alleen nog maar die innerlijke stem horen: “schiet nou ohhop”.

Ik heb het veranderd. Ook ik ben een mens en realiseerde me, dat ook ik het fout kan doen. Gelukkig kun je op ieder moment gewoon opnieuw beginnen. Kinderen zijn zo vergevingsgezind en bovendien zelf meesters in het op ieder moment opnieuw van start gaan. En ze hebben zo’n plezier in dat potje monopoly met jou.

Work hard. Live balanced. Sandra Kruijt

Deel dit artikel